Vacantie 1991 Amerika

(Harley kopen, importeren, trouwen, . . . .)

   

Al jaren van plan maar steeds werd het weer uitgesteld. Op een gegeven moment hebben we gewoon maar een paar tickets gekocht naar Los Angeles ( LA ) en ja , dan moet je wel. Vertrek 26 augustus 1991 en de terugreis op 25 september, vervoer naar Schiphol geregeld, en dat was eigenlijk de gehele voorbereiding, de rest komt vanzelf. Alleen van tevoren nog wat adressen van motorzaken in LA bij elkaar gezocht en een verzekeringsmaatschappij die buitenlandse motorrijders wil verzekeren. Dit was namelijk de enigste maatschappij in de gehele USA !!!

Maandag 26 augustus was het dan zo ver, om 7.30 stond de taxi voor, wat een luxe. In de file naar Schiphol maar gelukkig waren we ruim op tijd. De bagage afgeven, inchecken en wachten maar. Om ongeveer elf uur was het vertrek, toch wel een beetje spannend want ik had nog nooit in zo'n ding gezeten. De eerste paar uur is het leuk om een beetje naar buiten te kijken maar dan slaat de verveling toe. Leuk vooruitzicht als je weet dat de totale vliegtijd elf uur is, gelukkig rechtstreeks zonder tussenstop.

De aankomst in LA was om ongeveer twee uur 's middags, plaatselijke tijd. Toch vreemd als je zelf vindt dat het dan eigenlijk al zo'n tien uur 's avonds is, rare lui hoor die Amerikanen. Dan volgt een uitgebreide paspoort en visum controle waarvoor je eerst een uur in de rij moet staan. Wat moet u hier, u gaat toch wel weer terug, u mag hier niet gaan werken hoor, illegalen willen we hier absoluut niet. Nee meneer. Nou loop dan maar door.

Daarna op jacht naar de bagage. Drie bagage stukken hadden we al snel van de band geplukt maar waar bleef de laatste. Iedereen was al weg maar nog steeds misten we een bagagezak. Er lag nog wel precies zo'n bagagezak van de een of andere duitser, zou deze soms per ongeluk die van ons hebben meegenomen? We hadden zo'n speciale waterdichte kanozak gekocht, het zou toch wel erg toevallig zijn als er nog iemand precies zo'n zak zou hebben. Toen vonden we het tijd om maar eens iemand van de KLM te gaan zoeken. Deze het hele verhaal uitgelegd en maar hopen dat de zak (nee ik bedoel niet die Duitser maar de bagagezak) weer boven water zou komen. Dat werden dus een hoop formulieren invullen voor deze man. Tenslotte vroeg hij het adres van ons hotel in LA zodat hij ons kon bellen als de bagage terecht was. Hotel?, hoezo hotel, geen flauw idee waar we terecht zouden komen. Dit moesten we dan maar zo snel mogelijk doorgeven als we een hotel hadden gevonden.

Ja, waar zullen we eens een hotel gaan zoeken in deze immense stad. Bij de informatiebalie maar eens gevraagd waar de meeste motorzaken waren die we wilden bezoeken. O, zei de man aan de balie, jullie moeten naar Anaheim. O ja, waar ligt dat dan wel niet en hoe komen we daar. Toevallig bleek dit in de buurt van Disney-land te zijn zodat er zelfs een bus heen ging. Dit is een zeldzaamheid in LA want de bussen zijn allemaal van particuliere maatschappijen en rijden dus alleen daar waar wat te verdienen is. Dit bleek ook wel uit de prijs van een kaartje: 14 dollar voor een enkele reis , per persoon, dus samen een kleine vijftig piek voor een ritje met de bus. De buschauffeur wist wel een goed motel voor een redelijke prijs, het "Magic Carpet" motel. Gauw alle spullen in de kamer gedonderd en even lekker languit in het zwembad.

Daarna op zoek naar wat te eten, en te drinken natuurlijk. Een pizzeria zag er wel goed uit. Heb jij eigenlijk veel honger? Nou nee. Zullen we dan maar samen een pizza bestellen? Dit is overigens heel normaal in Amerika. Laten we dan maar wel een grote nemen met z'n tweëen. Nou is groot daar niet gewoon groot maar eigenlijk ontzettend enorm gigantisch supergroot. We konden dus samen nog niet eens deze ene pizza op. Ook maar wat te drinken erbij. Dia luste wel wat fris. Omdat ze best wel dorst had dus ook maar formaat groot, oftewel zo ongeveer een hele liter. Gelukkig had ik een pilsje besteld, en ja, deze kon natuurlijk niet groot genoeg zijn, dus dat was geen probleem.

De volgende dag was het tijd om een motor te gaan zoeken, want ja, hoe moet je anders op vacantie. Als je ergens naar toe wilt in LA moet je wel eigen vervoer hebben anders kun je het wel vergeten. Een motor hadden we nog niet dus moesten we van nood wel een auto huren.

Meneer van het verhuurbedrijf, heeft u ook kleine auto's. Ja hoor, geen probleem, zal ik u even ophalen? Ja, doet u maar. Ik zal u even de verschillende auto's laten zien. Deze Chrysler, hier nog een Lincoln, bla bla bla, alles natuurlijk voorzien van alle mogelijke opties. Ja heel mooi allemaal, maar waar zijn nu de kleinere modellen. Helaas meneer, deze zijn vandaag allemaal verhuurd. Nou, dan gaan we maar naar de concurent. O wacht, ik bedenk net dat we hier nog iets kleiners hebben. Dit bleek een Amerikaans model

Ford Escort te zijn. Na wat gezeur mochten we hem voor een redelijke huurprijs meenemen. Nou alleen nog even oppassen bij het afrekenen want ook daar proberen ze je nog een poot uit te draaien.

Dan maar gauw op zoek naar de diverse motorzaken. Met motorzaken bedoel ik natuurlijk Harley dealers want iets anders zouden ze eigenlijk moeten verbieden in de US of A. Dat Nederland / Europa wordt overspoeld met japanse nep-harley's is al erg genoeg. Moeten ze daar in de Verenigde Harley Staten van Amerika nu ook al mee beginnen? Onbegrijpelijk dat ze er op willen rijden terwijl je voor $ 4495 al een nieuwe Sportster kunt kopen, inclusief belasting is dat nog geen tienduizend gulden.

Eerst maar een kaart gekocht want anders vindt je het nooit. Dan het volgende probleem, waar moet je beginnen te zoeken wanneer de straten kilometers lang dezelfde naam hebben en dan opeens geheel ongemerkt van naam wisselen. Hoezo huisnummer achttienduizend-en-zo-veel.

De motorzaken blijken daar iets anders in elkaar te zitten dan we hier gewend zijn. Er zijn daar hele kleine motorzaken met twee of drie motoren en een kleine werkplaats, zaken die alleen maar accesoires en t-shirts verkopen en de officiele dealers met vaak gigantische showrooms en dito werkplaatsen. Deze showrooms staan dan vol met allerlei blinkende chromen accesoires en rekken vol met t-shirts, truien, jassen en alles waar je verder nog Harley Davidson op kan schrijven. Van telefoon tot WC-bril, je kunt het zo gek niet bedenken of ze hebben het wel, origineel HD. O ja, in een klein hoekje van de showroom staan dan ook nog wat motoren, meest nieuwe en een hele enkele gebruikte fiets.

Nadat we op die manier zo'n stuk of tien motorzaken hadden afgereden hadden we eigenlijk maar verrekte weinig tweedehands fietsen gezien, hooguit een stuk of dertig. Vanwege de betrouwbaarheid wilde ik per sé een Evolution omdat deze weinig sleutelen betekenen in de toch al veel te korte vacantie. Wanneer deze dan ook nog betaalbaar moet zijn dan wordt de keus wel heel erg klein.

Bij "Biker's Dream" had ik een mooie fiets zien staan met een leuk prijskaartje er aan. Bij nadere beschouwing bleek het een 883 Sportster te zijn. Hier was echter zoveel aan veranderd dat hij nauwelijks meer te herkennen was als zodanig. Het leek veel meer op een Lowrider, maar dan ééntje met de stuureigenschappen van een Sportster, een perfecte combinatie. Dus wat deden we aan het eind van de dag, maar gauw weer terug naar deze zaak om hem te kopen. We zouden de volgende dag terug komen om de motor op te halen.

Bij het hotel aangekomen bleek de bagage ook weer terecht te zijn. Deze was door de KLM naar het hotel gebracht, prima service hoor.

Na een nachtje slapen met de taxi naar de motorzaak. De motor stond al buiten, even de betaling en de verzekering regelen en rijden maar. Fout; rijden deed hij wel maar richtingaanwijzers,

claxon, snelheidsmeter, vergeet het maar. Na enig heen en weer gepraat zouden ze dit meteen voor ons in orde maken. Inmiddels was het al diep in de middag dus vertrekken werd niks meer die dag. We moesten immers ook nog een manier vinden om al onze bagage mee te nemen. Met een paar zadeltassen kwamen we al een heel eind. Een bagagerekje voor een sportster hadden ze niet meer dus dit moesten we onderweg maar kopen.

Eindelijk was het dan zover: RIJDEN OP ONZE EIGEN HARLEY IN DE STATES, want daar ging het toch allemaal om. Terug naar het hotel maar weer, de volgende dag kon de vacantie echt beginnen.

In de motorzaak werden we gewaarschuwd om de motor vooral niet buiten te laten staan 's nachts want dan zou die geheid worden gejat in LA. Bij het motel dus maar eens gevraagd of ze een garage hadden waar hij in kon staan. Helaas, die hadden ze niet. Dan maar eens kijken of hij niet in de motelkamer past. Gelukkig hadden we een kamer op de begane grond ! Alleen een hoge stoep, een haakse bocht en hopen dat de deur breed genoeg is. En ja hoor, het past. Een paar oude kranten op de vloer, toen vond de motelbaas het ook wel best.

De volgende dag gingen we eindelijk rijden. Met veel moeite alle bagage er op gebonden en op naar de AAA, een soort Amerikaanse ANWB. Op vertoon van onze ANWB kaart kregen we alle mogelijke informatie, gratis routekaarten en zelfs complete boekwerken, prima geregeld. Toen zouden we wel even naar Las Vegas rijden, fout dus. De route naar Las Vegas gaat dwars door de woestijn, dit is overdag niet te doen (40 graden of meer). Eerst maar eens de stad uit gereden en rustig wat gaan eten. Om een uur of zeven 's avonds was het nog steeds bloedheet, maar ja, toch maar vertrekken.

Zo tegen middernacht doemt er dan een gigantische lichtvlek op midden in de donkere woestijn, Las Vegas met zijn enorme neon reclame's. Bij een stuwmeer zo'n tien kilometer verder zouden een aantal campings zijn, dus rijden maar weer. Na veel gezoek eindelijk een camping gevonden en de tent maar snel opgezet. Van slapen kwam echter niet veel in die hitte.

Na een dagje Las Vegas zijn we maar snel weer verder gereden op zoek naar wat koelere streken. In Sedona troffen we een Amerikaans stel op een Super Glide. Met hun zijn we nog een dag samen wezen rijden. Dit was op Labour Day, een Amerikaanse feestdag. Dan komen opeens alle Harley's te voorschijn en overal zie je ze rijden. Hele dorpje's lijken te zijn ingenomen door Harley rijders. De plaatselijke plietsie agent vragen we of we bij dat parkeerverbod niet mogen parkeren. Natuurlijk wel is het antwoord, een dorpsplein vol met Harley's vindt hij ook een schitterend gezicht.

Hier bezoeken we nog een verlaten mijndorp, een zogenaamde 'Ghosttown'. Dit is veranderd in een waar openluchtmuseum. Voor Amerikaanse begrippen is een dorp van zo'n honderd jaar oud al bijna prehistorie, maar ja, wat wil je, als je land nog maar net tweehonderd jaar bestaat.

De volgende dag staat er een echt wereldwonder op het programma, de Grand Canyon. Dit is inderdaad een onvoorstelbaar natuurfenomeen, zo gigantisch groot en imposant. Een Amerikaanse toerist had er toch een iets ander idee over. Hij vond het "just a big hole in the ground". En telkens als hij weer een bocht om kwam en iets nieuws verwachte, het bleef maar steeds hetzelfde gat in de grond.

Na enkele dagen hadden we wel weer genoeg toeristen gezien en gingen we maar weer eens verder. Nu volgde er een rit door het Navajo reservaat. Een enorme woestijn waar de Amerikanen weinig in zagen, dus hier mochten de Indianen wel wonen. Dit is een geheel eigen gemeenschap met eigen wetten, eigen rechtspraak en een eigen politie. De meesten verdienen hun geld met het maken van (zilveren) sieraden. Deze worden dan vervolgens in stalletjes langs de weg verkocht aan passerende toeristen.

Via Bryce en Zion National park reden we weer richting Las Vegas. Op een camping zagen we nog enkele Amerikaanse motorrijders met een vouwcaravan achter hun Goldwing. Hoe verzinnen ze het. Terug richting kust moesten we weer door de woestijn. Bijna alle wegen lopen hier via Las Vegas dus daar kwamen we dan ook weer terecht.

Vanwege de hitte besloten we nu maar een motelkamer te zoeken met airconditioning. Dit was geen enkel probleem want elk casino beschikt over een enorm aantal kamers. Deze zijn spotgoedkoop omdat ze hiermee klanten hopen te trekken voor hun casino. Deze zijn 24 uur per dag geopend en je kunt ook 24 uur per dag eten wat je maar wilt, ook voor weinig natuurlijk. De winst halen ze wel uit hun gokkasten en roulette's.

Dit was echter niet het enige waarvoor we naar Las Vegas waren gekomen. We wilden er namelijk ook nog even trouwen. Dit kan hier ook zo ongeveer op elk tijdstip van de dag. 's Avonds dus maar eens op zoek naar het gemeentehuis, gewoon in je motorkloffie natuurlijk. Hier mocht je een formulier invullen met daarop je naam, nationaliteit e.d. Na het betalen van 35 dollar krijg je een "Marriage Permit", een vergunning om te mogen trouwen. Je hoeft je niet te legitimeren dus je kunt elke naam opgeven die je maar wilt. Ook al ben je al getrouwd, het maakt allemaal niets uit, als je maar betaalt.

Met deze "Marriage Permit" kun je vervolgens naar één van de tientallen "Wedding Chappels". Hier kun je trouwen op elke manier die je maar wilt, kleding, bruisboeket, getuigen, alles kunnen ze voor je regelen. Wij hadden echter geen zin in al deze poppekast dus wij gingen gewoon naar de gemeente ambtenaar.

Deze "deputy for civil marriage" zat samen met z'n collega naar de TV te kijken bij gebrek aan klandizie. Na het betalen van nog eens 35 dollar zou hij ons officieel trouwen. De twee getuigen waren hij en zijn collega. De tweede getuige hoefde niet in de kamer aanwezig te zijn dus deze bleef maar lekker TV kijken. Na een klein verhaaltje en het nazeggen van enkele wederzijdse beloften waren we dan officieel getrouwd.

De volgende ochtend konden we onze "Marriage Certificate" ophalen. Voor de Nederlandse wet hadden we nog een "certified copy" nodig, oftewel gewoon een copie met een stempeltje van de gemeente er op. Dit koste 'slechts' 5 dollar, voor dit geld zouden ze hem dan wel opsturen naar Nederland want er op wachten kon niet.

Hierna hadden we het wel gezien in Las Vegas. De route werd weer vervolgd, door de onvermijdelijke woestijn natuurlijk. Nu in noordelijke richting zodat we bij enkele schitterende natuurparken uit zouden komen.

Als eerste kwamen we bij het 'Sequoia' national park. Hier groeien enorme, duizenden jaren oude bomen, de sequoia's. De grootste bomen hebben ze zelfs namen gegeven van beroemde Amerikanen. Zo is er de 'General Sherman Tree', met zijn hoogte van 83,8 m 'the largest living thing on earth'.

Vervolgens kwamen we in het 'Yosemite' national park. Hier was het zo druk dat alle campings vol waren. Op een afgelegen camping konden we met veel moeite nog een paatsje vinden. Er was helaas geen stromend water aanwezig, maar ach, dat kun je ook uit een beekje halen.

Zoals in alle nationale parken werd ook hier uitgebreid gewaarschuwd voor beren. Al het voedsel moest worden bewaard in 'food lockers'. Dit zijn grote metalen kasten die de beren niet open kunnen krijgen. Helaas hebben we geen enkele beer gezien.

Zolangzamerhand vonden we het tijd worden om maar eens koers te zetten richting kust. Dit is in wezen vrij simpel te doen. Bijna alle snelwegen lopen van Noord naar Zuid of van Oost naar West. Voor ons betekende dit het volgen van de bordjes 'Highway 20 West'. Wel even opletten dat je niet de bordjes in oostelijke richting volgt natuurlijk.

Na een paar dagen kwamen we op deze manier eindelijk bij de kust. Viel dat even tegen. Enkele kilometers voordat we de kust bereikten werd het opeens zo'n 10 graden kouder en gigantisch mistig. We zouden de beroemde 'Highway 1' volgen, de schitterende kustweg naar Los Angeles. Dit werden dus duizend mistige kilometers. Volgens de bewoners was het de slechtste zomer in 40 jaar, hebben wij dat weer.

Op deze manier kwamen we ook door San Francisco. Een mooie stad met veel groen, gebouwd op de heuvels rond de baai. De verschillende wijken worden verbonden met gigantische bruggen. De beroemdste, de 'Golden Gate Bridge' was, je raad het al, natuurlijk volledig in de mist gehuld. Speciaal voor de toeristen was er een rondrit door de stad uitgezet langs alle bezienswaardigheden, hoezo gemakszuchtig. Wij dus braaf de bordjes volgen met 'Scenic Drive'. Zo belanden we ook een keer onder aan een heuvel met een gigantisch steile weg naar boven. Bovenaan stond een verkeerslicht. Zie daar maar eens weer weg te komen als deze op rood staat. Na een blik op de gigantische hoop bagage achterop besloten we maar een blokje om te rijden.

Daarna vervolgden we de route langs de kust. We hadden nog ongeveer een week om rustig af te zakken naar Los Angeles (LA). Zo'n 50 kilometer boven LA was de laatste mogelijkheid om te kamperen. Dit was ook weer een staatscamping zonder permanent toezicht. Dit betekent dat je zelf een plaats kunt zoeken. Vervolgens schrijf je alle gegevens op een speciale envelop waarin je tevens het kampgeld doet. Deze gooi je in een brievenbus bij de ingang van de camping. Deze wordt regelmatig geleegd door een ranger die dan controleert of iedereen heeft betaald.

Vanaf de camping kon je zo het strand op lopen om te genieten van de California Beachlife of zoiets. Dia wilde graag nog een middagje in de zon liggen. Zelf heb ik het ongeveer een uurtje volgehouden. In die tijd kwamen er zo gigantisch veel Harley's voorbij over de naastgelegen kustweg dat ik het niet meer kon houden. Van een plaatselijke biker had ik gehoord dat er vlakbij een kroegje was waar op zondag veel Harley rijders uit LA en omgeving bij elkaar kwamen. Dus werd het tijd om te gaan rijden, in mijn eentje dit keer, Dia bleef lekker bakken. Op goed geluk maar de bergen in gereden, op zoek naar de 'Mulholland Highway'. En ja hoor, na een uurtje rijden had ik hem gevonden. Ik had niet gedacht daar zoveel mooie stuurweggetjes te vinden, gelukkig zijn niet alle wegen in Amerika kaarsrecht zoals vaak wordt gedacht.

Nu hadden we nog een paar dagen om wat inkopen te doen en om het vervoer van de motor te regelen. Eerst maar eens het kentekenbewijs ('title') ophalen wat inmiddels klaar zou zijn. Dit hadden we al enkele weken geleden over laten schrijven bij het 'Department of Motor Vehicles' (DMV). Na het betalen van een hoop dollars zouden zij het nieuwe kenteken opsturen. Dit moest op het hoofdkantoor worden gemaakt zodat het onmogelijk was om er op te wachten. Voor nog eens 15 dollar extra zouden ze er een spoedopdracht van maken, d.w.z. binnen 72 uur, voor ambtenaren is 3 werkdagen blijkbaar ontzettend snel.

We hadden afgesproken om het naar het motel te laten sturen waar we de eerste dagen in LA hadden overnacht. Daar aangekomen bleek dat ze het nooit hadden ontvangen. Na diverse telefoontjes naar allerlei DMV kantoren hadden we nog steeds geen kenteken, wel een telefoonrekening van 15 dollar, maar niemand wist iets van ons kenteken. Ten einde raad besloten we maar naar het dichtsbijzijnde DMV kantoor te rijden en net zolang op de balie te blijven zitten tot ze hadden uitgezocht waar ons kenteken was.

Dit bleef dus spoorloos. Het scheen echter wel vaker voor te komen want ze konden zonder al te veel problemen zorgen voor een duplicaat. Ook dit moest echter weer opgestuurd worden zodat we weer net zo ver waren. Dit hebben we naar Nederland laten sturen, en wat bleek, een week na thuiskomst zat het al bij de post. Om de motor uit te voeren hadden we aan een bewijs van overschrijving voldoende, hè hè.

Via de KLM kwamen we aan het adres van een transporteur die het vervoer naar Nederland zou kunnen regelen. Totale kosten voor het inkratten, naar de haven brengen, afhandelen douane formaliteiten, zeevracht kosten en verzekering waren ongeveer 1500 gulden. We mochten dan de motor op de dag van vertrek brengen, zij zouden verder alles regelen. We kregen van hun ook nog een lift naar het vliegveld en daarmee zat helaas de vacantie er al weer op. Nu maar weer sparen voor de volgende keer.

Joop